Roos van Leary
Twee assen: boven↕onder (stuur je of volg je?) en samen↔tegen (ga je mee of zet je je af?). Samen vormen ze vier posities.
Geen types maar gedrag in het moment — iedereen beweegt door alle vier de kwadranten.
Naslag · Coaching Melanie / Heyl
Zit een gesprek vast in hetzelfde patroon? Verander eerst je eigen positie. Bij mokken niet hárder corrigeren, maar naar samen: erkennen en doorvragen.
Kies je stijl per taak, niet als label op de persoon. En bewaak de dip: zakt de motivatie, dan juist méér begeleiden — sturen én steunen tegelijk, niet loslaten.
Gebruik DISC als lens, niet als label. Herken welke kleur iemand nú laat zien en sluit erop aan: kort en direct bij rood, warm bij geel, rustig bij groen, onderbouwd bij blauw.
Voer functioneringsgesprekken met STARR: één situatie tegelijk. Stel open vragen en laat stiltes vallen — het is een gesprek, geen verhoor.
Bij slecht nieuws: je eerste zin is de boodschap — geen aanloop. Daarna stilte uithouden; vul het niet op met "het komt wel goed".
Drie dingen die je de komende maand anders doet. Drie — geen vijf, geen zeven. Schrijf bij elk: wanneer doe je het de eerste keer, met wie, en hoe weet je dat je het deed?
Een korte call van een uur. Drie vragen: wat houd je vast? Wat liep anders dan je had verwacht? Wat heb je nog open? Geen nieuwe theorie — wel één lopende casus uitdiepen.